Zoek
Login
u bent hier:
Wetgeving
|
Vleesverwerking op je bedrijf
|
Het slachten
|
Noodslachting
Home
Voorstelling
Voor wie?
Wat doen we?
Medewerkers
Vakantieregeling Steunpunt Hoeveproducten
Contactgegevens
Agenda
Vormingen binnenkort!
Publicaties
Nieuwsbrieven
Publicaties artikelen
Persberichten
Wetgeving
Starten als hoeveproducent
Verplichtingen m.b.t. het FAVV
Verplichtingen m.b.t. de handelswetgeving
Is hoeveverkoop een handelsactiviteit?
Kruispuntbank
Bedrijfsbeheer
Beenhouwer-spekslager
Ambulante handel
Verplichtingen m.b.t. de ruimtelijke ordening
Vrijstelling
Vellen bomen
Functiewijzigingen
Verplichtingen m.b.t. de milieuwetgeving
Verplichtingen m.b.t. etikettering
Prijsreglementering
Vrijgestelde Prod
Reglementering m.b.t. te koelen voedingsmiddelen
Regels m.b.t. het gebruik van meettoestellen
Kan ik genieten van VLIF steun?
Kan ik forfaitair blijven?
Zuivelverwerking op je bedrijf?
Vleesverwerking op je bedrijf
Te koelen voedingsmiddelen (vlees)
Houdbaarheid vlees
Vergunning beenhouwer-spekslager
Inrichting hoeveslagerij
Het slachten
De particuliere slachting
Slachting pluimvee en lagomorfen
Noodslachting
Slachting gekweekt wild
Vervoer
Vervoer van levende dieren naar slachthuis
Vervoer van vers vlees
Vervoer gedode dieren
Detailhandel van vleeswaren
Ambulante handel in vleeswaren
Vlees
Verkoop van groenten en fruit
Verplichtingen t.o.v. het FAVV
Verkoop van verwerkte groenten en fruit
Verkoop van aardappelen op het bedrijf
Verkoop van eieren op het bedrijf
Verkoop van rauwe melk op het bedrijf
Verkoop via een automaat
FAVV regelgeving m.b.t. melkautomaten
Verkoop op een (boeren)markt
Autocontrole
Autocontrole bij de verkoop van groenten en fruit
Autocontrole en primaire plantaardige productie
Meldingsplicht en primaire plantaardige productie
Hygiënevoorschriften voor de primaire plantaardige
Model medisch geschiktheidsattest
Plantenpaspoorten
Stappenplan primaire plantaardige productie
Verplichte registraties voor de primaire plantaard
Autocontrole bij verwerkte producten
Analyse van putwater
Het loopt fout op uw bedrijf, wat nu?
Verplichte bacteriologische productanalyses
Meldingsplicht in de praktijk
Nieuws van onze partners
West-Vlaanderen
Innovatiesteunpunt
VLAM
Limburg
Oost-Vlaanderen
Links
Contacteer ons ...
Nieuwsbrief
Bekijk de nieuwsbrieven
Fermweb
Startersmap
Registreren
Search Results
Noodslachtingen van als landbouwhuisdier gehouden hoefdieren
1. Welke dieren mogen een noodslachting ondergaan?
De regels betreffende de noodslachting buiten het slachthuis zijn van toepassing op alle als landbouwhuisdier gehouden hoefdieren (runderen, schapen, geiten, varkens en paarden).
Het Ministerieel Besluit van 06/09/1990
verbiedt echter het vervoer van varkens met het oog op een noodslachting en de noodslachting van varkens zelf.
2. Wanneer mag een noodslachting worden uitgevoerd
?
Om tot een noodslachting buiten het slachthuis te kunnen overgaan, dient aan de volgende voorwaarden te zijn voldaan:
• Het dier moet een ongeval hebben gehad. Een ongeval is een plotse, onvoorziene of onverwachte gebeurtenis die schade of letsel veroorzaakt bij het dier. Een ongeval vereist meestal onmiddellijke actie van degene die het dier onder zijn hoede heeft.
• Het dier moet gezond zijn op het ogenblik van het ongeval. Het mag niet lijden aan of ervan verdacht worden te lijden aan een ziekte en het moet vrij zijn van geneesmiddelenresiduen (wachttijden dienen gerespecteerd te worden).
• Het dier is om welzijnsredenen niet geschikt voor transport en kan/mag dus niet levend naar het slachthuis worden vervoerd. Bv.: een dier met één of meerdere gebroken ledematen, verlammingsverschijnselen, grote verwondingen, …
Alvorens het dier wordt geslacht, moet een dierenarts een antemortemkeuring (gezondheidskeuring) van het dier verrichten. Een dier dat niet levend is beoordeeld door een dierenarts is uitgesloten voor noodslachting.
3. Hoe gebeurt een noodslachting?
Het dier dient te worden gedood door verbloeding na te zijn bedwelmd. De maag en de darmen mogen bij noodslachting ter plaatse onder toezicht van de dierenarts worden verwijderd, evenwel zonder verdere uitslachting.
Indien er tussen de slacht en de aankomst bij het slachthuis meer dan twee uur verstrijkt, moet het dier gekoeld worden, tenzij de weersomstandigheden een actieve koeling overbodig maken (omgevingstemperatuur van 4°C of lager).
4. De transport naar het slachthuis
Het geslachte en verbloede dier dient zonder nodeloos uitstel onder hygiënische omstandigheden naar het slachthuis te worden vervoerd. Tevens dient er rekening mee te worden gehouden dat alle dieren schoon moeten zijn bij aanvoer in het slachthuis.
Verwijderde ingewanden moeten het geslachte dier naar het slachthuis vergezellen, en worden aangeduid als afkomstig van dat dier.
5. Begeleidende documenten
De in nood geslachte dieren dienen bij hun transport naar het slachthuis vergezeld te gaan van een verklaring van de veehouder en een verklaring van de dierenarts:
• In de verklaring van de veehouder moeten de identiteit van het dier, de toegediende geneesmiddelen voor diergeneeskundig gebruik of andere behandelingen die het dier heeft ondergaan, de data van toediening of behandeling en wachttijden zijn vermeld
• In de verklaring van de dierenarts moeten het gunstige resultaat van de antemortemkeuring, de datum en het tijdstip van en de reden voor de noodslachting en de aard van de door de dierenarts op het dier toegepaste behandeling zijn vermeld.
6. Postmortemkeuring (vleeskeuring na het slachten) van vlees van in nood geslachte dieren
Op het vlees van in nood geslachte dieren moet in het slachthuis een postmortemkeuring uitgevoerd worden. Het vlees mag enkel voor menselijke consumptie worden aangewend indien het geslachte dier geschikt wordt bevonden voor menselijke consumptie.
In het slachthuis dient op het vlees van dieren waarbij een noodslachting is uitgevoerd en dat geschikt is bevonden voor menselijke consumptie, een driehoekig keurmerk met gelijke zijden van 7 cm te worden aangebracht:
Het keurmerk dient volgende aanduidingen te vermelden (letters van 0,7 cm hoog):
• ‘Slachthuis’
• plaatsnaam
7. Bestemming van het vlees van in nood geslachte dieren
Vlees van dieren waarbij een noodslachting is uitgevoerd mag alleen op de markt worden gebracht in de lidstaat waar de slacht plaatsvindt.
8. Wetgeving
•
Verordening (EG) 853/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 29/04/2004 houdende vaststelling van specifieke hygiënevoorschriften voor levensmiddelen van dierlijke oorsprong
•
M.B. van 06/09/1990 houdende tijdelijke maatregelen ter bestrijding van de klassieke varkenspest
Copyright (c) 2009 Steunpunt Hoeveproducten